Hoe kan je binnenklasdifferentiatie toepassen in de kleuterklas?

Hoe kan je binnenklasdifferentiatie toepassen in de kleuterklas?

Zoals je wellicht al kon merken in het algemene deel is differentiatie heel breed en heel omvangrijk. Er zijn veel verschillen tussen kleuters en die doen zich voor op veel vlakken. Zo kunnen kleuters verschillen op vlak van voorkennis, cognitieve vaardigheden, achtergrond, interesses, affectieve vaardigheden, metacognitieve vaardigheden, leervoorkeuren, motorische vaardigheden, …  

En op al die vlakken moet je als leraar nadenken over differentiatie en die ook in de praktijk toepassen. In het model van binnenklasdifferentiatie dat je hieronder ziet, zie je meteen ook heel overzichtelijk op welke manieren je dit kan doen.  

Als je wil differentiëren moet je de twee tandwielen op elkaar laten inhaken om te zien welk element je zal aanpakken bij de lerende en op welk tandje je zal focussen in de leeromgeving. Knip het document in bijlage eerst even uit voor we verder gaan, zodat je meteen al kan oefenen met de twee tandwielen.

OPGELET

Hieronder vind je van elk tandwiel een afbeelding. Daaronder leggen we uit wat elk tandje van dat tandwiel inhoudt en geven we ook enkele voorbeelden. Als je ten volle wil begrijpen wat elk tandje van dat tandwiel inhoudt, is het zinvol om met die bril op even goed naar je kleuters te kijken en te observeren hoe jouw kleuters op dat vlak presteren.   

OPGELET!

→ Als je vaststelt dat een kleuter niet mee kan, zelfs met de extra differentiatie, is het belangrijk dat je een stapje terugzet, zodat de kleuter die stap ervoor goed mee heeft. Overdenk hier altijd dat je van concreet naar schematisch en dan pas naar abstract niveau werkt. Dat wil bijvoorbeeld zeggen dat je – als een kleuter niet vlot tot 10 kan tellen zonder hulpmateriaal, je een schematische voorstelling kan aanbieden onder de vorm van een telkaart. Lukt dat nog niet, dan kan je terugkeren naar concreet materiaal.  


→ Als je in de praktijk wil differentiëren, zal je merken dat je vaak niet enkel speelt met 1 tandje tandwiel, maar dat je er soms meerdere combineert. 


→ Bij het differentiëren neem je altijd de beginsituatie van de kleuter mee in je achterhoofd. 


→ Bespreek met de zorgleerkracht uw aanpak, ga hierover in gesprek.