Deze veelgestelde vragen zijn voornamelijk gericht aan de studenten.
Staat jouw vraag niet in de lijst hieronder? Stel je vraag dan aan de coördinator werkplekleren via GraduaatHES@odisee.be.
Afwezigheden en planning
Wanneer je ziek bent of door een andere reden (bv. quarantaine, overlijden in de familie) afwezig moet zijn tijdens het werkplekleren, volg je steeds deze procedure:
- Onmiddellijk verwittigen vóór de start van de dag
Mail het opleidingssecretariaat (chantal.vanvaerenbergh@odisee.be) en zet je schoolbegeleider en coördinator werkplekleren in CC.
Breng daarnaast ook je firmamentor op de hoogte.
- Attest bezorgen binnen 24 uur
Bezorg een scan van je ziektebriefje, quarantainebewijs of ander officieel attest aan chantal.vanvaerenbergh@odisee.be.
Pas wanneer dit attest tijdig wordt ingediend, geldt de afwezigheid als gewettigd.
- Inhaalmogelijkheden
Korte afwezigheden (1 dag): maximaal twee gewettigde dagen per academiejaar kan je inhalen.
Vanaf een derde korte afwezigheid is inhalen niet meer mogelijk om organisatorische redenen.
Bij langdurige ziekte of uitzonderlijke omstandigheden neem je zo snel mogelijk contact op met de eerste lijnsombuds (via chantal.vanvaerenbergh@odisee.be) voor verdere afspraken.
Ongewettigde afwezigheden
Leveren automatisch een nulscore op.
Er kan dan geen inhaalmoment aangevraagd worden.
Wanneer je door omstandigheden niet kan werken op je werkplek, wordt dit beschouwd als overmacht. In dat geval meld je dit op dezelfde manier als een ziekte: je verwittigt onmiddellijk je mentor, je schoolbegeleider en de coördinator werkplekleren. Je gemiste dag wordt later ingehaald, in overleg met alle betrokkenen.
Als je stagebedrijf sluit wegens collectief verlof, valt dit eveneens onder overmacht. Je bent verplicht om dit te melden volgens de afspraken en je haalt de gemiste dagen later in. In overleg met je schoolbegeleider en de coördinator werkplekleren wordt bekeken hoe dit praktisch ingepland kan worden.
In principe wordt niet afgeweken van de wettelijke schoolvakanties, neem contact op met de coördinator werkplekleren als dit toch van toepassing zou zijn.
Ja. Alle uren die voorzien zijn in het werkplekleren, moeten effectief gepresteerd worden. Wanneer je door ziekte, overmacht of omstandigheden op de werkplek uren mist, wordt dit beschouwd als gemiste uren. In overleg met je schoolbegeleider en de coördinator werkplekleren worden afspraken gemaakt om deze in te halen. Enkel wanneer er sprake is van uitzonderlijke en langdurige omstandigheden kan hiervan afgeweken worden, en dit uitsluitend na goedkeuring door de coördinator werkplekleren.
Neen. Werkplekleren wordt gezien als een verplicht onderdeel van je opleiding, vergelijkbaar met lessen en examens. Vrije vakantiedagen kunnen niet worden opgenomen in de periode waarin werkplekleren plaatsvindt. Enkel vooraf besproken collectieve sluiting van de werkplek of afspraken in overleg met de coördinator werkplekleren kunnen een uitzondering vormen.
Veiligheid en verzekeringen
De firma moet voorzien in de juiste veiligheidsinstructies en opleidingen die passen bij het werk, zoals veilig werken op hoogte. Een interne opleiding door het bedrijf is geldig, op voorwaarde dat deze voldoet aan de geldende veiligheidsregels en preventiemaatregelen.
Het VCA-VOL diploma is een basisvereiste om te mogen starten met werkplekleren. Wanneer je niet slaagt, kan je dus niet beginnen op de werkplek. Je moet het examen zelfstandig opnieuw afleggen bij een erkende instantie. Pas met een geldig diploma kan je effectief deelnemen.
Behaal je later je VCA VOL-diploma, dan laat je dat zo snel mogelijk weten aan de coördinator werkplekleren.
Tijdens het werkplekleren kan je zelfstandig op pad gestuurd worden, bijvoorbeeld om naar een installatie te gaan of om materiaal op te halen. Dit is toegestaan als je mentor en het bedrijf dit veilig en verantwoord vinden. Studenten mogen alle taken uitvoeren die niet als gevaarlijk worden beschouwd en waarvoor preventiemaatregelen zijn genomen.
Ja, de overeenkomst werkplekleren en de bijhorende verzekering gelden ook tijdens inhaalperiodes in de vakantie, op voorwaarde dat dit steeds gebeurt in overleg met de coördinator werkplekleren en correct geregistreerd is.
Ja. De studentenverzekering van de hogeschool dekt ook ongevallen op de weg van en naar de werkplek, op voorwaarde dat je de kortste en meest logische route volgt. Afwijkingen (bv. omwegen voor privédoeleinden) vallen niet onder deze dekking.
Wanneer het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen verplicht is op de werkvloer, worden deze ter beschikking gesteld door de werkplek. Indien er extra afspraken gelden vanuit de hogeschool, worden deze vooraf duidelijk meegedeeld.
Dit kan enkel onder strikte voorwaarden:
- je hebt de juiste opleiding en instructies gekregen,
- je firmamentor is aanwezig en verantwoordelijk voor de begeleiding,
- de werkplek kan aantonen dat alle veiligheidsmaatregelen zijn genomen.
Bepaalde taken die wettelijk voorbehouden zijn aan gekwalificeerde personen (bv. werken onder hoogspanning) en mogen studenten nooit uitvoeren.
Bij een medisch probleem tijdens het werkplekleren meld je dit onmiddellijk aan je firmamentor of een verantwoordelijke op de werkplek. Indien nodig wordt er eerste hulp toegediend en/of een arts geraadpleegd.
De schoolbegeleider en de coördinator werkplekleren moeten zo snel mogelijk op de hoogte gebracht worden. Bij een ernstig incident wordt ook een ongevallenrapport ingevuld volgens de procedure van de hogeschool.
In ernstige noodsituaties en bij acuut gevaar, contacteer 112.
Wanneer je schade veroorzaakt in het kader van je leeractiviteiten, treedt de verzekering van de hogeschool in principe op. Dit geldt niet bij grove fout, roekeloos gedrag of het negeren van veiligheidsinstructies. De werkplek en de hogeschool beoordelen samen de situatie en beslissen hoe de schade wordt afgehandeld.
Een werkongeval moet je onmiddellijk melden aan je firmamentor én je schoolbegeleider. Zij zorgen ervoor dat het ongeval geregistreerd wordt en dat de verzekering kan tussenkomen.
Dit wordt beschouwd als een “arbeidsongeval op weg van en naar het werk”. Je moet dit onmiddellijk melden aan de coördinator werkplekleren en je schoolbegeleider. Ook hier geldt dat de verzekering enkel tussenkomt als het ongeval gebeurde op de kortste of meest logische route.
Ja, maar enkel wanneer dit gebeurt met toestemming van de werkplek en in het kader van je leeractiviteiten. De werkplek moet hiervoor een eigen verzekering voorzien. De hogeschoolverzekering dekt enkel jou als persoon, niet de schade aan voertuigen van derden.
Neen. Je bent enkel verzekerd voor de uren die vooraf geregistreerd zijn als werkplekleren. Indien je toch extra aanwezigheden wil opnemen, moet dit steeds vooraf afgestemd worden met de firmamentor én geregistreerd via de schoolbegeleider of coördinator werkplekleren.
Organisatie en administratie
Het werkplekleren omvat ongeveer 300 uur. Dit is gespreid over 14 weken waarbij je gemiddeld 3 dagen per week op de werkplek aanwezig bent. De exacte verdeling van de dagen wordt vastgelegd in overleg tussen de werkplek, de student en de opleiding. Afwezigheden tellen niet mee in dit totaal en moeten, indien gewettigd, ingehaald worden volgens de afspraken met de coördinator werkplekleren.
Voor je kan starten met het werkplekleren moeten volgende documenten in orde zijn:
Pas wanneer deze documenten ondertekend en bezorgd zijn, mag je effectief starten.
Je houdt een logboek bij waarin je dagelijks de gewerkte uren en uitgevoerde taken noteert. Tijdig uploaden geldt als bewijs voor de opleiding.
Als er gewerkt wordt volgens een prikkloksysteem in het bedrijf moet dit vooraf besproken worden.
Alle afwijkingen van de afgesproken planning moeten onmiddellijk gemeld worden aan je firmamentor én schoolbegeleider. Deze uren tellen niet mee in het totaal en moeten ingehaald worden. Structureel te laat komen of voortijdig stoppen wordt beschouwd als onprofessioneel gedrag en kan invloed hebben op je evaluatie.
De communicatie verloopt in drie richtingen:
Student ↔ Firmamentor: dagelijkse opvolging en praktische afspraken.
Student ↔ Schoolbegeleider: opvolging van logboeken, opdrachten en leerdoelen.
Firmamentor ↔ Schoolbegeleider: (tussentijdse) evaluaties, feedback en afstemming.
Bij problemen kan steeds de coördinator werkplekleren ingeschakeld worden.
Ja, dat kan, maar enkel in overleg met je firmamentor en mits dit past binnen je leerdoelen. Elke wijziging van werkpost of locatie moet doorgegeven worden aan de schoolbegeleider zodat de verzekering en risicoanalyse aangepast kunnen worden.
Je mag studentenwerk verrichten bij je stagebedrijf buiten de uren van je werkplekleren. Dit valt echter niet onder de overeenkomst werkplekleren. Je bent dan jobstudent en valt onder de arbeidsovereenkomst en de verzekering van het bedrijf. Je bent ook niet verzekerd door de verzekering van de hogeschool.
De werkplek voorziet het materiaal en de PBM’s die noodzakelijk zijn om de afgesproken taken uit te voeren. Indien de student gevraagd wordt om een eigen laptop of gereedschap te gebruiken, moet dit vooraf overeengekomen worden en mag dit geen extra kost of risico voor de student inhouden.
De student is zelf verantwoordelijk voor het vervoer van en naar de werkplek. Indien de werkplek een bedrijfswagen of dienstvoertuig ter beschikking stelt, geldt de verzekering van de werkplek. Bij verplaatsingen met eigen vervoer is de student verzekerd via de schoolverzekering voor ongevallen op de weg van en naar de werkplek. Verplaatsingen in opdracht van de werkplek moeten steeds vooraf afgestemd worden.
Het werkplekleren maakt deel uit van je opleiding en geeft in principe geen recht op een financiële vergoeding of extra voordelen. Sommige werkplekken kiezen er vrijwillig voor een onkostenvergoeding te voorzien (bv. voor transport of maaltijden). Dit kan, maar is geen verplichting.
Als student heb je een geheimhoudingsplicht. Alles wat je tijdens het werkplekleren te weten komt over de organisatie, de klanten of de projecten, moet je strikt vertrouwelijk behandelen. Indien je opdrachten voor de opleiding maakt waarin bedrijfsinformatie verwerkt wordt, moet je dit steeds vooraf bespreken met je firmamentor.
Begeleiding op de werkplek
De firmamentor is jouw vaste aanspreekpunt op de werkplek. Hij/zij begeleidt jou bij de dagelijkse taken, ziet toe op veiligheid en bespreekt regelmatig je leerdoelen.
De schoolbegeleider is een docent van de opleiding die jouw leerproces opvolgt, je logboeken nakijkt en de link legt met de opleidingsdoelen.
Minstens twee keer tijdens de werkplekperiode: een tussentijdse feedbackronde (zie link) en een eindfeedback die ook mee in de evaluatie wordt opgenomen.
Extra feedbackmomenten kunnen altijd op vraag van de student of mentor georganiseerd worden.
Feedback is een essentieel onderdeel van het leerproces. Als je merkt dat je weinig of geen feedback krijgt, kaart dit aan bij je schoolbegeleider of de coördinator werkplekleren. Op die manier kan er tijdig actie ondernomen worden. Bij structurele problemen of persoonlijke situaties kan je ook terecht bij je opleidingscoödrinator.
Zie hiervoor het onderdeel evaluatie van iedere periode.
Wanneer de firmamentor vervangen wordt (bv. door ziekte of personeelswissel), moet de werkplek een nieuwe verantwoordelijke aanduiden. Dit wordt onmiddellijk meegedeeld aan de schoolbegeleider en de coördinator werkplekleren, zodat de begeleiding en evaluatie correct verdergezet kunnen worden.
Begeleiding door de opleiding
Bij de start van het werkplekleren krijg je de naam en contactgegevens van jouw toegewezen schoolbegeleider. Deze informatie wordt gedeeld via e-mail en via Toledo.
De schoolbegeleider volgt je leerproces op, bespreekt je logboeken, geeft feedback op je opdrachten en organiseert indien nodig overleg met de werkplek. Hij/zij is ook je eerste aanspreekpunt bij vragen of problemen die je niet met je firmamentor kan bespreken.
Minstens drie keer tijdens de werkplekperiode: een tussentijdse feedbackronde (mondeling of schriftelijk) en een eindfeedback die ook mee in de evaluatie wordt opgenomen. Extra feedbackmomenten kunnen altijd op vraag van de student of mentor georganiseerd worden.
Geef dit onmiddellijk aan bij je schoolbegeleider of coördinator werkplekleren. Feedback is een essentieel onderdeel van het werkplekleren en moet door beide partijen voorzien worden. Indien nodig wordt een extra driehoeksgesprek ingepland.
Wanneer er verschillen zijn in feedback of verwachtingen, wordt dit besproken in een driehoeksgesprek (student – firmamentor – schoolbegeleider). De opleiding heeft daarbij de eindverantwoordelijkheid voor de beoordeling.
Ja, minstens één keer tijdens de werkplekperiode is er een gezamenlijk overleg, fysiek of online. Dit gesprek dient om de voortgang te bespreken en eventuele problemen tijdig aan te pakken.
Meld dit onmiddellijk bij je schoolbegeleider. Logboeken vormen een belangrijk bewijs van je leerproces. Indien de feedback te laat komt, kan dit gevolgen hebben voor de evaluatie, daarom moet de schoolbegeleider hier snel op kunnen reageren.
Problemen en conflicten
Bespreek dit eerst met je firmamentor. Vaak kan een kleine aanpassing van taken of werkritme al helpen. Blijft het probleem aanhouden, contacteer je je schoolbegeleider. Bij persoonlijke of gevoelige situaties kan je rechtstreeks terecht bij de coördinator werkplekleren of de ombuds van de opleiding.
Dit wordt niet getolereerd. Meld dit onmiddellijk aan je schoolbegeleider en de coördinator werkplekleren. Zij zorgen ervoor dat er snel een gesprek volgt met de werkplek en nemen, indien nodig, maatregelen om je leertraject elders verder te zetten. Je kan ook terecht bij de vertrouwenspersoon van de hogeschool.
Geef dit meteen aan bij je firmamentor én schoolbegeleider. Werkplekleren moet bijdragen aan je leerdoelen. Indien de taken onvoldoende relevant zijn, kan de opleiding ingrijpen en samen met de werkplek nieuwe afspraken maken.
Bespreek dit eerst met je schoolbegeleider. Indien nodig organiseert die een driehoeksgesprek. Blijft het conflict bestaan, wordt dit besproken met de coördinator werkplekleren die, indien nodig, kan beslissen om de samenwerking stop te zetten en een alternatieve werkplek te zoeken.
Signaleer dit zo snel mogelijk aan je schoolbegeleider. Samen met de firmamentor wordt nagegaan of je meer passende taken kan krijgen. Als dat niet mogelijk is, kan er in overleg gezocht worden naar een andere werkplek waar je wel de nodige competenties kan verwerven.
Je eerste aanspreekpunt is je firmamentor. Indien het probleem niet via die weg opgelost raakt, neem je contact op met je schoolbegeleider. Voor structurele of ernstige problemen schakel je de coördinator werkplekleren of ombuds in.
Aan te vullen
Aan te vullen
Opdrachten voor de opleiding
Alle opdrachten die vermeld staan op het e-courseplatform onder Opdrachten zijn verplicht. Deze opdrachten vormen samen met je logboeken en de feedback van de werkplek de basis voor je evaluatie. Voorbeelden zijn een reflectieverslag, technische analyse of een casus rond je werkplek.
Je houdt een digitaal logboek bij zoals omschreven op Logboeken.
Ja. Tijdens de werkplekperiode worden er enkele Terugkommomenten georganiseerd op de campus. Deze zijn verplicht, aangezien ze bedoeld zijn voor het uitwisselen van ervaringen, het bespreken van leerdoelen en het voorbereiden van de eindopdracht. Afwezigheden gelden enkel als gewettigd mits attest.
Het eindcijfer voor werkplekleren is opgebouwd uit verschillende onderdelen beschreven bij evaluatie van iedere periode.
Te laat ingediende opdrachten of logboeken worden als onvolledig beschouwd en kunnen leiden tot puntenverlies of een nulscore. Enkel bij uitzonderlijke omstandigheden (bv. ziekte met attest) kan een nieuwe deadline aangevraagd worden via de coördinator werkplekleren.
